Organisatie

1 keer in de 2 dagen:

Er zit steeds 2 dagen tussen het binnen krijgen van de laatste stand van zaken en deadline waarop de opdrachten binnen moeten zijn. Een leerkracht kan die 2 dagen op 2 manieren gebruiken:

  • 1 dag waarop de klas haar gewone programma afwerkt en 1 dag waarop hard gewerkt wordt om de opdrachten zo goed mogelijk te volbrengen.
  • 2 dagen waarop de klas bezig is om de opdrachten uit te voeren. 

Status Quo:

Op maandag, woensdag en vrijdag 8.00u geeft de computer de stand van zaken uitgerekend en ingetekend. Het is aan de leerkracht wanneer die informatie aan de groep getoond wordt.

Kringgesprek:

In een kringgesprek kunt u  met de leerlingen bespreken hoe u er met uw groep voor staat. U kunt bespreken hoe het geld besteed moet worden. Welke werkstukken broodnodig zijn. Wie het best gevraagd kan worden voor welke klus. 

Lakens uitdelen:

Als het voor de organisatie of de chemie van uw klas beter is dat u de lakens uitdeelt, dan kan dat ook. U kunt uw leerlingen ook een rol geven: 1) journalist, 2) commandant, 3) spion, 4) minister van financiën etc. U kunt er ook voor kiezen om deze rollen te laten rouleren.

Aan de slag:

Na het kringgesprek of na het uitdelen van de opdrachten gaan de leerlingen aan de slag. Iedere leerling met een opdracht die hem of haar zoveel mogelijk op het lijf geschreven is. 

Deadline:

Op maandag, donderdag en vrijdag 16.00u moeten de werkstukken, foto’s en zetten gemaild zijn. Bij groepen die te laat zijn blijft de situatie ongewijzigd.

 

Kennisnetwerk& Kennisoverdracht:

Begrippen die na deze lessenserie bij de leerlingen bekend moeten zijn: Patriotten, Napoleon Bonaparte, koning Willem I, grondwet. U zult merken dat uw leerlingen veel meer begrippen zullen kennen. Daardoor worden deze 4 begrippen voor hen relevant. 

Toets:

U kunt er voor kiezen om uw leerlingen te toetsen met een toets die ontwikkeld is door OdjS.

Share